ORIGIN Architecture & Engineering

Cut image

Koninklijk Museum van Midden-Afrika Tervuren

Aan het begin van de twintigste eeuw neemt Leopold II contact op met de Franse architect Charles Girault voor de bouw van een nieuw museumcomplex in Tervuren, bestaande uit een Congomuseum, een museum voor het verre oosten en een wereldschool. Wegens het overlijden van de vorst en de daaropvolgende besparingspolitiek wordt enkel het Congomuseum voltooid. Het gebouw wordt tussen 1904 en 1908 opgetrokken ter vervanging van het te klein geworden Koloniënpaleis. De twee daarop volgende jaren worden besteed aan de inrichting van het museum. Girault leverde naast het ontwerp voor het gebouw ook de plannen voor het meubilair en voorzag de wanden, vloeren en plafonds van een rijke decoratie. Op 30 april 1910 volgt de inauguratie van het nieuwe museum door koning Albert I en minister van Koloniën Renkin.

Het bouwwerk ligt aan de rand van een uitgestrekte, neoclassicistische tuin die in 1896 voor de Wereldtentoonstelling van 1897 werd aangelegd naar het ontwerp van Elie Lainé. Het museum wordt geflankeerd door de paviljoenen voor de directie en het personeel (vandaag Stanleyarchief). Franse tuin, museum en paviljoenen maken deel uit van de restauratieopdracht.

Het museum in Franse Beaux Arts stijl vormt een volledig symmetrisch complex en is haast een replica van het Petit Palais dat Girault had ontworpen voor de wereldtentoonstelling in Parijs. De volumes zijn gerangschikt rondom een centrale binnenplaats met een zuilengalerij. In 1932 wordt de binnentuin van het museum aangepast. De open gaanderij wordt gedicht om meer tentoonstellingsruimte te creëren. De destijds door het buitenklimaat verweerde wandbekleding in marmer wordt grotendeels weggehaald.

Tijdens WOII veroorzaakt een V1-bom aanzienlijke schade aan de vensters, de koepel, de vitrines en de marmeren bekleding van de Etnografiezaal. Een tekort aan kapitaal en uitgeputte marmergroeves zorgen er voor dat de restauratiewerkzaamheden enkele jaren aanslepen.

Vanaf de jaren ’50 wordt de presentatie van de collecties gemoderniseerd. De originele vitrines worden van TL-verlichting voorzien of moeten plaats ruimen voor nieuwe diorama’s waarin de opgezette dieren in hun natuurlijke habitat worden tentoongesteld. Deze diorama’s doorbreken de zichtassen en verstoren de ruimtelijke werking van het gebouw. Grote raamoppervlakken worden overschilderd omdat de lichtgevoeligheid van objecten dit vraagt.

In 1985 wordt het museum van Tervuren beschermd als monument, in 2003 wordt ook het park van Tervuren aan de lijst van beschermde monumenten toegevoegd.

In 2007 krijgt de tijdelijke vereniging Stéphane Beel Architecten – Origin Architecture & Engineering – Arup NL – Michel Desvigne Paysagistes – Niek Kortekaas Designers – RCR – Daidalos Peutz – Bureau Bouwtechniek de opdracht voor de restauratie, renovatie en uitbreiding van het museum.
Om het bestaande museum te bevrijden van de parasitaire functies als museumshop, restaurant, onthaal, die in de loop der jaren museumzalen hebben ingenomen, worden deze verplaatst naar een nieuw onthaalpaviljoen. Dit paviljoen, ontworpen als een efemere glazen doos tussen de bomen van het park, is met het museum verbonden door een 100 meter lange ondergrondse gang waarlangs nieuwe tentoonstellingsruimte en een auditorium zijn gelegen. De ondergrondse toegang laat toe om een gedeelte van de magnifieke kelderruimtes van het museum voor het publiek toegankelijk te maken als expositieruimte. Centraal in het museum, komt het publiek toe in de referentietentoonstelling via een verdiepte binnentuin.

Het museum zelf, waarvan de begane grond oorspronkelijk enkel bestaand uit monumentale museumzalen, kan daardoor volledig worden gerestaureerd. Voor de realisatie van de referentietentoonstelling volgens hedendaagse conserverings- en presentatienormen zijn enkele ingrepen noodzakelijk :

- Verbeteren van de thermische isolatie en luchtdichtheid van de gebouwschil door het plaatsen van achterzetramen, zonwering en het isoleren van de enorme dakoppervlakken.
- Voorzien van een aangepaste technische uitrusting van luchtgroepen en kanalen die toelaat de binnenluchtkwaliteit te beheersen
- Naast de restauratie en aanpassing van de oorspronkelijke vitrines, het voorzien van nieuwe vitrines die de gepaste conservering van de meest fragiele objecten in de museumcollecties mogelijk maken.

Het takenpakket van Origin in de tijdelijke ontwerp- en studievereniging betreft de restauratie van de gevels, de daken, de monumentale interieurs, en het meubilair van het museumgebouw, het directiepaviljoen en het personeels-, heden Stanleypaviljoen. De interieurs met vloer- en wandbekledingen in diverse Europese marmersoorten, beschilderde wanddoeken van gigantische oppervlakten, rijke stucwerkdecoratie van de plafonds, zijn van een bijzondere architectuurhistorische waarde.

Vermits de renovatie van het bestaande museumgebouw de integratie vergt van een belangrijk pakket aan technische uitrusting in deze historisch waardevolle gebouwelementen wordt ook de coördinatie van de speciale technieken door Origin opgevolgd en bijgestuurd. Hetzelfde geldt voor de interventies die de toegankelijkheid voor het publiek vanuit de ondergrondse ruimtes en de algemene toegankelijkheid voor rolstoelgebruikers moeten verbeteren.

Verder opdrachten die door het studiebureau Origin worden uitgevoerd in de context van het dossier :
- Bouwhistorisch onderzoek van park, museum en andere gebouwen op de site
- Studie van het omvangrijk iconografisch materiaal betreffende museum en paviljoenen
- Coördinatie van de opmeting van de bestaande gebouwen en uitwerken van detailopmetingen van de bestaande toestand
- Uitvoering en analyse van de gebouwelementen van de bestaande toestand (constructiewijzen, materialen, degradaties)
- Inventarisatie van het historisch waardevolle meubilair en dito tentoonstellingskasten of vitrines
- Coördinatie van de materiaal-technische vooronderzoeken waaronder geotechnische sonderingen, funderingsanalyse en stratigrafische vooronderzoeken
- Uitwerken van de restauratie en de interventie opties voor de renovatie van het bestaande museum en de paviljoenen
- Voorstellen, uitwerken en detailleren van de bouwkundige oplossingen voor de renovatie en de herbestemming van het bestaande gebouw in nauwe samenwerking met de ontwerpers van het team.
- Integreren en detailleren van stabiliteitsinterventies in het bestaande gebouw in nauwe samenwerking met de ir. Stabiliteit van het team.
- Integreren en detailleren van interventies voor de technische uitrusting van het bestaande gebouw in nauwe samenwerking met de ir. Technieken van het team.
- Integreren en detailleren van interventies voor de scenografie binnen de museumruimtes in nauwe samenwerking met de scenograaf van het ontwerpteam.


INTERVENTIE VAN DE TIJDELIJKE VERENIGING:
BEEL - ORIGIN – ARUP – RCR – DESVIGNE – KORTEKAAS – DAIDALOS PEUTZ – BUREAU BOUWTECHNIEK
Complete architectuur-, engineering- en inrichtingsopdracht.

NIEUWBOUW EN RENOVATIESTUDIES:
Stéphane Beel Architecten
Projectverantwoordelijke Maarten Baeye, ir. Arch.

RESTAURATIESTUDIES:
ORIGIN Charlotte NYS, Robin Engels, Karel Paul

STABILITEITSSTUDIES:
ARUP Joop Paul, Arjan Habraken, Bert Fraza

STUDIES TECHNISCHE UITRUSTINGEN:
RCR Rik Cornelissen, Dirk Roelandts

LANDSCHAPSINRICHTING
Michel Desvigne

SCENOGRAFIE
Niek Kortekaas

BOUWFYSICA EN AKOESTIEK
Daidalos-Peutz Filip Descamps, Paul Mees

LIGGING :
Leuvensesteenweg 13, 3080 Tervuren
Provincie Vlaams-Brabant

VOORZIENE PLANNING:
Aanbestedingsdossier: 2010
Start van de werken: 2010 (nieuwbouw)
Voltooiing van de werken: 2018

ANDERE TUSSENKOMENDE PARTIJEN
:
Bouwheer :
Regie der Gebouwen, Dienst Vlaams Brabant
Philipssite 3a/bus 5, verd. 6
3001 Leuven

Contactpersoon :
Nele Breynaert, ir. architect

Gebruiker :
Koninklijk Museum voor Midden-Afrika

Contactpersoon :
Guido Gryseels, directeur
Dirk Verbist, hoofd technische dienst

Verantwoordelijken Onroerend Erfgoed
Kristin Van den Abbeele
Cecile Boes
Jo Wijnant